Als objectbeveiliger ben je het visitekaartje én het schild van een pand. Of het nu gaat om een kantoorcomplex, een overheidsgebouw of een zorginstelling: na sluitingstijd hoort er niemand meer te zijn die er niet thuishoort. Maar wat doe je als een bezoeker simpelweg weigert te vertrekken?
Op zo’n moment verschuift je werkterrein van gastvrijheid naar het strafrecht: huisvredebreuk en lokaalvredebreuk (Artikel 138 Wetboek van Strafrecht). Hoe pak je dit juridisch correct aan?
Wat zegt de wet? (Artikel 138 Sr)
Artikel 138 van het Wetboek van Strafrecht stelt het wederrechtelijk (zonder recht of toestemming) binnendringen of blijven in een woning of besloten lokaal strafbaar.
Voor een objectbeveiliger is vooral het “blijven” na sluitingstijd relevant. De wet stelt hierbij één keiharde voorwaarde: iemand is pas strafbaar nadat hij of zij eerst duidelijk is gevorderd te vertrekken door de rechthebbende (of namens de rechthebbende).
De cruciale rol van de Objectbeveiliger
Als objectbeveiliger treed je op namens de rechthebbende (de eigenaar of huurder van het pand). Jouw instructies en protocollen geven jou de bevoegdheid om de huisregels te handhaven en namens de opdrachtgever op te treden.
Wat mag je WEL doen?
Duidelijk vorderen: Jij bent degene die de formele vordering uitspreekt. Dit moet luid, duidelijk en zonder twijfel gebeuren.
Politie inschakelen: Blijft de persoon na de vordering bewust binnen? Dan is er sprake van een misdrijf op heterdaad. Je belt direct de politie.
Aanhouden op heterdaad: Als de situatie het toelaat en het veilig kan, ben je als burger (en dus ook als beveiliger) bevoegd de persoon aan te houden in afwachting van de politie.
Wat mag je NIET doen?
Direct fysiek verwijderen: Je mag niet direct overgaan tot “eruit gooien” zonder dat er een duidelijke, formele vordering is uitgesproken.
Onnodig of buitenproportioneel geweld gebruiken: Beveiligers hebben geen politiebevoegdheden. Fysiek ingrijpen mag alleen ter zelfverdediging (noodweer) of in zeer beperkte mate bij een burgeraanhouding (proportionaliteit en subsidiariteit). Rust en de-escalatie staan altijd voorop.
Stappenplan in de praktijk
Kom je na sluitingstijd iemand tegen die niet wil vertrekken? Volg dan altijd deze vaste structuur. Dit zorgt ervoor dat je juridisch volledig in je recht staat én het incident netjes vastlegt in je dagrapportage.
Kort onthouden voor de surveillance:
Vriendelijk verzoeken mag altijd, maar om Artikel 138 Sr te activeren moet je vorderen. Gebruik letterlijk de woorden: “Ik vorder u het pand te verlaten.” Pas na de weigering op die specifieke zin is de persoon strafbaar.